All posts by woltman

Scheepswerf Barkmeijer in Stroobos failliet verklaard

Scheepswerf Barkmeijer in Stroobos failliet verklaard

 

Op dinsdag 30 oktober 2018 is Barkmeijer Stroobos B.V.  door de Rechtbank Noord-Nederland failliet verklaard. Marco Kalmijn van ons kantoor is benoemd tot curator. Samen met IdeJan Woltman en Tineke Wouda pakt hij dit omvangrijke faillissement op.

 

Afkoelingsperiode

Op verzoek van Marco Kalmijn heeft de Rechter-commissaris – die toezicht houdt in het faillissement –  een zogenaamde afkoelingsperiode gelast. Dit betekent dat alle rechten van de schuldeisers tijdelijk in de ijskast worden gezet. In dit faillissement gaat het om een periode van 30 dagen, dus tot en met vrijdag 30 november 2018. Tijdens deze periode mogen schuldeisers hun goederen niet ophalen. Het gaat dan om schuldeisers die bijvoorbeeld een beroep kunnen doen op eigendomsvoorbehoud of het recht van reclame.

 

Doel afkoelingsperiode

Tijdens de afkoelingsperiode inventariseert Marco Kalmijn als curator de boedel van Barkmeijer Stroobos en bekijkt hij of een doorstart mogelijk is. Met toestemming van de Rechter-commissaris zal eerst nog worden doorgewerkt.

 

Indienen vordering

Als u een vordering op Barkmeijer Stroobos B.V. hebt dan kunt u die bij ons indienen door dit formulier en de openstaande facturen te mailen naar mevrouw Tineke Wouda, faillissementsmedewerkster, op het mailadres barkmeijer@vandersluisvanderzeekalmijn.nl

Doorstart na faillissement

De curatoren van de failliete ziekenhuizen in Flevoland onderhandelen over een doorstart. Hoe zit het ook maar weer met een doorstart na faillissement? We frissen uw kennis op dit gebied van het faillissementsrecht even op.

 

Geïnteresseerden

Direct na het uitspreken van een faillissement staat de telefoon roodgloeiend bij een curator. Er melden zich allerlei partijen die interesse hebben: van opkopers tot bedrijven die de failliete zaak willen doorstarten. Met alle serieuze geïnteresseerden wordt contact gelegd en zij worden in de gelegenheid gesteld een bod te doen.

 

Verkoop activa

Bij een doorstart worden de aanwezige activa verkocht aan de doorstartende partij. Het gaat dan bijvoorbeeld om de inboedel, het klantenbestand, de orderportefeuille, de goodwill en domeinnamen. Als deze activa worden verkocht aan iemand die het bedrijf doorstart, levert dit vaak meer op en het is natuurlijk de taak van de curator om een zo hoog mogelijk opbrengst te genereren.

 

In elk faillissement wordt een Rechter-commissaris benoemd. Deze houdt toezicht op het werk van de curator. Voor een doorstart moet de Rechter-commissaris toestemming geven.

 

Going-concern

Ook moet de Rechter-commissaris toestemming geven om het bedrijf open te houden na het uitspreken van het faillissement. Het kan belangrijk zijn om een bedrijf door te laten draaien, omdat de opbrengst dan maximaal is. Een zaak die nog open is, is meer waard voor een doorstartende partij dan een zaak die dicht is.

 

Schuldeisers

Voor de meeste schuldeisers is een doorstart een bittere pil. Zij kunnen vaak fluiten naar hun geld omdat in de meeste faillissementen geen uitkering wordt gedaan. Dit is voor hen maar moeilijk te begrijpen, vooral als de zaak wordt voorgezet door dezelfde personen.

 

Personeel

Een faillissement is altijd erg ingrijpend voor het personeel. Het bedrijf waarvoor mensen zich met hart en ziel hebben ingezet stopt en hun toekomst wordt onzeker. In 99 van de 100 gevallen wordt het personeel door de curator ontslagen. Het UWV betaalt het loon tijdens de opzegtermijn door. Tijdens de opzegtermijn kan de curator het personeel laten doorwerken om zo het failliete bedrijf open te houden. Medewerkers die na afloop van de opzegtermijn nog geen nieuwe baan hebben, komen in aanmerking voor ww.

 

De doorstartende partij is niet verplicht het personeel over te nemen. Als het mogelijk is, zal een curator meestal wel proberen af te spreken dat zoveel mogelijk werknemers in dienst komen bij het doorstartende bedrijf. De curator moet namelijk ook rekening houden met de werkgelegenheid, een algemeen maatschappelijk belang. Maar uiteindelijk is toch doorslaggevend wie de hoogste prijs wil betalen voor het failliete bedrijf.

 

Conclusie

Een doorstart is een ingewikkeld proces, waarbij met zoveel mogelijk belangen rekening wordt gehouden. Voor schuldeisers en personeel is een doorstart niet altijd te begrijpen, maar een curator zal toch voor een doorstart kiezen als dat de hoogste opbrengst oplevert.

 

Vordering tot betaling in bitcoin verifieerbaar in faillissement

Op 14 februari 2018 heeft de rechtbank Amsterdam uitspraak gedaan in een verzoekschriftprocedure tot faillietverklaring van Koinz Trading B.V., welke procedure door advocaat Jelmer de Vries van ons kantoor is opgestart. De uitspraak van de rechtbank is baanbrekend en geeft antwoord op de vraag of de vordering tot uitbetaling van bitcoins een vordering is waarvoor het faillissement kan worden uitgesproken.

Koinz Trading is Nederlands eerste ‘bitcoin-fabriek’. Tegen betaling van een beheersvergoeding werden miningcomputers van derden ingezet voor het produceren van bitcoins. Aan het eind van de maand werd er in bitcoin of euro’s uitbetaald, althans dat was de bedoeling. De laatste maanden ontvingen meerdere klanten van ons kantoor geen uitbetaling meer in bitcoin. Omdat herhaaldelijk toezeggingen tot uitbetaling niet werden nagekomen en er geruchten gingen dat de computers, die niet in eigendom  waren van Koinz Trading, door haar werden verkocht, is besloten het faillissement aan te vragen.

Het faillissement is een algeheel beslag op het vermogen van de onderneming. Daarmee wordt in ieder geval voorkomen dat de onderneming verder wordt leeggehaald. Daarnaast heeft een curator de mogelijkheid om de locatie van de computers te achterhalen en kan zij nagaan wat er met het ingelegde geld is gebeurd en of er sprake is van frauduleus handelen.

Of de rechter het faillissement zou uitspreken was nog wel even spannend. De rechter diende te oordelen over de vraag of de vordering tot uitbetaling van bitcoins is aan te merken als een vordering in de zin van de Faillissementswet. Daarover heeft in Nederland niet eerder een rechter uitspraak gedaan. Volgens de rechtbank Amsterdam is dit het geval. De Rechtbank geeft in haar vonnis aan:

“Een bitcoin bestaat, zo begrijpt de rechtbank, uit een unieke, digitaal versleutelde reeks van cijfers en letters opgeslagen op de harde schijf van de computer van de rechthebbende. Bitcoins worden ‘geleverd’ door het verzenden van bitcoins van de ene wallet naar de andere wallet. Bitcoins zijn op zichzelf staande waarde-bestanden, die bij een betaling rechtstreeks door de betaler aan de begunstigde worden geleverd. Hieruit volgt dat een bitcoin een waarde vertegenwoordigt en overdraagbaar is. Naar het oordeel van de rechtbank vertoont het hiermee kenmerken van een vermogensrecht. Een vordering tot betaling in bitcoin is dus te beschouwen als een vordering die voor verificatie in aanmerking komt.

Onbetwist staat vast dat tussen verzoeker en gerekestreerde een verbintenis bestaat die strekt tot betaling in bitcoin, welke verbintenis ook in bitcoin moet worden voldaan. De rechtbank kwalificeert deze rechtsverhouding als een civielrechtelijke verplichting tot betaling. Aan deze verplichting is tot op heden door gerekestreerde niet voldaan. Van een vorderingsrecht is dus summierlijk gebleken.

(…)

Ter terechtzitting heeft verzoeker het bestaan van meerdere (steun)vorderingen aangetoond. Uit de door verzoeker overgelegde stukken is gebleken dat meerdere personen vorderingen op gerekestreerde hebben die zien op het uitbetalen van bitcoins (…)”

Uit het vonnis volgt allereerst dat een vordering tot betaling in bitcoin moet worden aangemerkt als een verplichting tot betaling. Bij het uitblijven van betaling kan dit tot het faillissement leiden. Voorwaarde bij het uitspreken van een faillissement is nog wel dat er meerdere schuldeisers zijn. Een vordering tot betaling in bitcoin kan ook dienen als steunvordering bij het aanvragen van het faillissement, aldus de Rechtbank.  In dit geval leidde dat tot het faillissement van Koinz Trading B.V.

Een kopie van het volledige vonnis treft u hier aan.

Advocaat Marco Kalmijn te zien in RTL Late Night

Gisteren waren advocaat Marco Kalmijn en zijn cliënt Sijbrand Nijhoff te gast bij RTL Late Night om te vertellen over de geheime overeenkomsten die in 1963 zijn gesloten tussen de Nederlandse overheid, NAM, Shell en Exxon. Nijhoff verhaalde aangrijpend over de gevolgen die de aardbevingen voor hem hebben. Hier kun je de hele uitzending terugkijken.

De geheime gasdeal uit 1963 onthuld!

Onze advocaten Marco Kalmijn en Marcella Spithoff hebben met hun client Sijbrand Nijhoff uit Zijldijk aan het Dagblad van het Noorden een gedeelte van de door de Staat der Nederlanden, NAM, Shell en Exxon geheim gehouden documenten ter beschikking gesteld. Daarbij bevinden zich onder andere de maatschapsovereenkomst van de ‘Maatschap Groningen’ (die verantwoordelijk is voor de gehele gaswinning) en een geheime side letter uit 1963. Deze documenten vormen de basis van het huidige zogenaamde ‘Gasgebouw’ van waaruit de gaswinning in Groningen en Drenthe plaatsvindt. De belangrijke rol van de Staat der Nederlanden wordt daaruit meer dan duidelijk.

De reden dat de documenten naar buiten worden gebracht is dat de vele gedupeerden in Groningen en Drenthe recht hebben op duidelijkheid over de rol van de Nederlandse Staat sinds 1963 in de aardgaswinning.

Uit deze documenten kan volgens ons worden opgemaakt dat de Staat met de NAM gezamenlijk op basis van een verhouding van 50% – 50% houder zijn van de concessie en gezamenlijk exploitant zijn van de gasvelden in Groningen en Drenthe. De Staat dient haar verantwoordelijkheid te nemen voor alle gedupeerden van de aardgaswinning. De eerste stap is daarin gezet met het nieuwe schadeprotocol.

De vraag die opkomt is wat de waarde van het nieuwe schadeprotocol is gezien deze documenten. De tijd zal leren wat de verdere gevolgen zijn voor het nieuwe schadeprotocol, de hoop is dat er daadwerkelijk een snelle vergoeding van schade of herstel komt voor de vele gedupeerden in Groningen en Drenthe zonder langdurige en kostbare juridische procedures, waarin boer Nijhoff thans wel met de Staat, de NAM en EBN is verwikkeld.

Niet enkel de Staat der Nederlanden dient hierin haar verantwoordelijkheid te nemen maar vanzelfsprekend naast de NAM ook de Shell en Exxon die, zoals volgt uit de documenten, ook contractpartij zijn bij de gemaakte afspraken.

Lees via de link naar Het Dagblad van het Noorden het artikel van Maaike Wind over deze documenten. De maatschapsovereenkomst en de side letter zijn ook online bij het Dagblad van Noorden beschikbaar.